Selecteer een pagina

Er is een moment dat ik maar al te goed ken.
Ik zit tegenover hem en ik zeg iets wat er voor mij toe doet. Niet groots. Niet dramatisch. Iets over wat ik voel. Over wat ik mis. Over wat ik verlang. Ik heb mijn woorden zorgvuldig gekozen, alsof ik ergens al weet dat dit te veel kan zijn.

Hij kijkt me aan.
Even.
En knikt dan. Begrijpend. Lief zelfs.
En toch voel ik het meteen: hij haakt af.

Hij blijft zitten, maar hij is er niet meer.
Niet echt.
Alsof mijn binnenwereld iets in hem raakt waar hij niet bij kan — of niet bij wil.

En daar zit ik dan.
Met mijn woorden nog in de ruimte.
Met mijn gevoel open op tafel.
En met dat oude, bekende besef: ik ben hier alleen.

De verwarring van nabijheid

Wat deze interacties zo verwarrend maakt, is dat de afstand niet constant is. Er ís nabijheid. Soms intens zelfs. Verbinding. Seks die voelt als thuiskomen. Momenten waarin je denkt: dit is het.
En juist daarom blijf je.
Want je weet hoe het kan voelen. Je hebt het ervaren. Je hebt het gezien. Dus wanneer hij zich weer terugtrekt, denk je niet: dit is niet genoeg, maar: ik vraag te veel.

Niet omdat hij dat zegt.
Maar omdat je lichaam dat al lang geleden heeft geleerd.

Emotioneel onbeschikbare mannen zijn geen eikels

Emotioneel onbeschikbare mannen zijn zelden bot of onverschillig. Ze zijn vaak vriendelijk, zorgzaam op hun manier, betrokken zolang het licht blijft. Maar zodra jouw gevoelens diepte krijgen, zodra jouw verlangen om echte nabijheid vraagt, gebeurt er iets.

Niet expres. Niet kwaadaardig.
Maar wel consequent.

Ze begrijpen je vaak cognitief. Ze kunnen het uitleggen. Rationaliseren.
Maar emotioneel zijn ze weg.

En jij voelt dat. Niet in je hoofd, maar in je lijf.

Wat hier werkelijk speelt

De vraag waarom val ik op emotioneel onbeschikbare mannen gaat zelden over hen.

Het gaat over iets ouds in jou.

Veel vrouwen die zich aangetrokken voelen tot emotioneel onbeschikbare partners, dragen een ervaring met zich mee waarin nabijheid onvoorspelbaar was.
Niet als verhaal, maar als lichaamsspoor.

Misschien was er liefde, maar niet altijd afstemming.
Misschien werd er gezorgd, maar niet echt gevoeld.
Misschien was nabijheid soms warm en soms afwezig.

Wat een kind dan leert, is zich aanpassen. Aanvoelen. Minder ruimte innemen.
Niet omdat verlangen verdwijnt, maar omdat het onveilig voelt om het te laten zien.

Het deel dat heeft geleerd te wachten

In IFS-termen noemen we dit een verbannen deel.
Een deel dat verlangen draagt. Behoefte. Zachtheid.
En dat geleerd heeft: dit mag niet te veel zijn.

Dat deel verdwijnt niet.
Het wacht.

En later, in volwassen relaties, herkent het iets.
Niet in stabiele nabijheid, maar in de afwisseling van contact en afstand. In spanning. In hoop.

Niet omdat dat gezond is.
Maar omdat het bekend voelt.

Waarom blijf ik bij een emotioneel onbeschikbare partner?

Wanneer hij zich terugtrekt, gebeurt er vaak iets anders in jou.

Je vraagt minder.
Verwacht minder.
Past je agenda aan.
Wacht op berichtjes.
Je doet het met broodkruimels, terwijl je jezelf vertelt dat je begripvol bent.

In werkelijkheid ben je aan het krimpen.

Niet omdat je te veel bent.
Maar omdat je hebt geleerd dat jouw verlangen risico met zich meebrengt.

Wat je jezelf onbewust vertelt

In deze dynamiek sluipt een stille overtuiging binnen:

– ik moet niet te veel vragen
– ik moet dankbaar zijn voor wat er wél is
– misschien verwacht ik te veel

En zonder dat je het doorhebt, leef je in tekort.
Niet omdat je weinig nodig hebt.
Maar omdat je jezelf hebt aangeleerd dat verlangen gevaarlijk is.

De vraag onder de vraag

De echte vraag is dan ook niet alleen:
waarom val ik op emotioneel onbeschikbare mannen?

Maar:
– wat heb ik geleerd dat liefde is?
– waar ben ik mezelf onderweg kwijtgeraakt?
– en durf ik te verlangen naar iets wat ik nog niet ken?

Ben je klaar om dit patroon te doorbreken?

Een relatie met iemand die emotioneel onbeschikbaar is, vraagt voortdurend aanpassing. Inhouding. Geduld.
En hoe liefdevol dat ook lijkt — het kost je jezelf.

Niet omdat jij te veel bent.
En ook niet omdat jij te veel vraagt.
Maar omdat delen van jou geen plek krijgen.

Misschien is de belangrijkste vraag dan ook niet of hij kan veranderen.
Maar of jij jezelf iets anders gunt.

Een relatie waarin je niet hoeft te wachten.
Niet hoeft te krimpen.
Niet hoeft te hopen dat je gezien wordt.

Gun je jezelf een emotioneel beschikbare man?

Angstig en vermijdend gehecht in relaties: wanneer nabijheid pijn doet