Waarom vermijden veilig voelt — en hoe je weer durft
Niet durven door faalangst.
Is dat herkenbaar voor jou?
Niet beginnen. Niet kiezen. Niet proberen.
Want zolang je niets doet, kun je ook niet falen.
En eerlijk is eerlijk: vermijden voelt heerlijk.
Rustig. Comfortabel. Veilig.
Het probleem is alleen:
het leven gebeurt ondertussen wel. Zonder jou.
Als je klein bent, geloof je nog in jezelf
Toen mijn oudste zoon Sam leerde fietsen, viel hij.
Op zijn knieën. Op zijn handen. Een keer zelfs op zijn gezicht.
En elke keer stond hij op.
Hij stapte weer op.
Niet één keer zei hij:
“Ik kan dit niet.”
“Dit lukt me nooit.”
Niet één keer.
En jij?
Hoe vaak zeg jij tegen jezelf:
-
dit gaat me toch niet lukken
-
straks faal ik
-
laat maar, ik doe het wel niet
Dat is faalangst.
En die is niet raar. Niet overdreven. Niet zwak.
Faalangst ontstaat vaak juist bij te veel bescherming
Soms ben je als kind niet te weinig beschermd, maar te veel.
Dan werd:
-
falen voorkomen
-
pijn snel opgelost
-
risico’s vermeden
-
moeilijke dingen uit handen genomen
Goed bedoeld. Liefdevol zelfs.
Maar daardoor leerde je niet:
-
dat je kunt vallen én weer opstaan
-
dat falen niet gevaarlijk is
-
dat je het aankunt
Dus werd falen iets groots.
Iets spannends. Iets griezeligs.
En nu, later, voelt elke stap als een mogelijk fiasco.
Niet durven door faalangst = een vermijdend leven
Zolang je niet opstapt:
-
kun je niet vallen
-
kun je niet falen
-
voel je je veilig
Maar ook:
-
blijf je stilstaan
-
wordt je wereld kleiner
-
raak je verder weg van wat je verlangt
Faalangst beschermt je niet tegen pijn.
Ze beschermt je tegen leven.
Dit is geen zwakte — dit is een deel
Vanuit IFS gezien is faalangst geen probleem dat weg moet.
Het is een deel van jou dat zegt:
“Doe het maar niet. Dan kan er ook niets misgaan.”
Dat deel wil je beschermen tegen:
-
schaamte
-
afwijzing
-
het gevoel dat je het niet kunt
En eerlijk: dat is logisch.
Maar dit deel is niet wie jij bent.
Het is een beschermer.
En je hoeft het niet alleen te doen
Dit is belangrijk.
Je hoeft niet ineens dapper te zijn.
Je hoeft niet in je eentje te leren falen.
Je hoeft jezelf niet van de fiets af te gooien.
Je mag het leren in contact.
Zoals een kind leert fietsen:
-
iemand die vasthoudt
-
meeloopt
-
aanmoedigt
-
opvangt als je valt
En pas loslaat
als jij zelf voelt: ik kan dit.
Zelfenergie is: samen durven
Moed is niet: geen angst hebben.
Moed is: angst voelen en tóch bewegen — met steun.
Zelfenergie zegt:
“Ik zie dat je bang bent.
Je hoeft dit niet alleen te doen.
Ik blijf bij je.”
En dat is precies wat ik doe in mijn werk.
Tot slot
Niet durven door faalangst is begrijpelijk.
Het heeft je geholpen. Ooit.
Maar je mag nu iets anders leren.
Dat je kunt proberen.
Dat je kunt vallen.
En dat je niet verdwijnt als het misgaat.
Je hoeft het niet alleen te doen.
Echt niet.
Ik loop (een stukje) met je mee.
Ik hou je vast waar het spannend is.
En ik laat pas los
als jij stevig genoeg staat.
En als je voelt: dit gaat over mij —
dan ben je welkom, mail me voor een afspraak.

